cultuur inleveren? dan naar verhouding! btw voorstel
korte beschrijving
Verhoging van btw naar 19 % bezorgt de MAKERS van o.m. beeldende kunst een inkomensderving van 11%! Welke politieke partij zou dit durven opleggen aan postbodes, ambtenaren, docenten? Kunst in prijs verhogen verpest namelijk de toch al ze wankele markt. Een btw van 7 of 8 %, dat is eerlijk!
Gericht aan
behandelend loket ( TWEEDE KAMER)
Nederland
Wij Wij, beeldend kunstenaars en andere cultureel werkenden, harde werkers met of zonder 'grote naam'
Constateren dat kunst nodig is, en ook bereikbaar moet zijn. Dat wie kunst maakt, ook wil verkopen, om in eigen onderhoud te voorzien. Wie een grote naam in een galerie koopt betaalde altijd al 19%. Het gaat om de prijs de de maker van de kunst mag rekenen. Kunst is ook voor de 'middenmarkt' Deze markt met onder meer (privé-) opdrachten, kan geen prijsverhoging van 13% aan! Niet doorrekenen naar de klant levert voor kunstenaars een inkomensverlies van 11% op.
Verzoeken dat een ONEVENREDIGE bezuingingsmaatregel voor deze beroepsgroep uitblijft. Omdat de bezuinigingen iedereen zullen treffen is het niet reëel geen maatregel te verwachten. Wij vinden een verhoging van de cultuurbtw naar bijv 7 of 8 procent (zoals in Duitsland) wel reëel. Zo blijft de markt intact. Dit geldt voor beeldende kunst, maar ook voor andere gebieden van de cultuurwereld.
deze petitie tekenen http://geen19procent.petities.nl
uitleg 11 procent
Stel dat je een werk aanbiedt voor E100,= ex BTW.
Dan was het eerst E106,= incl BTW (dus 106% van je bedrag).
Als je hiervoor 6% afdraagt, dan deel je 106 door 1.06 en houd je E100,= over en de rest is BTW.
Als je echter 19% moet afdragen over die 106 dan moet je die dus delen door 1,19 en houd je dus maar E89,= over en de rest is BTW.
100% - 89% = 11% minder overhouden.
Uitgebreid persbericht:
Beroepsgroep moet 11 tot 13 procent inleveren
Zou er ooit een politieke partij zijn die het aandurft om ambtenaren, docenten of postbezorgers 11 procent te korten op hun inkomen?
Waarom wordt er zo laconiek gedaan over de verhoging van het BTW tarief van 6 naar 19 procentvoor beeldende kunst, dat het inkomen van beeldend kunstenaar met 11 procent verlaagt?
Men vergeet dat het niet alleen om afnemers van gevestigde beeldende kunst gaat, die voor tienduizenden euro’s een Helmantel, Douwe Elias of een Pieter Knorr, gevestigde namen dus, aanschaffen. ( Overigens worden deze kunstenaars over het algemeen via de kunsthandels en galeries verkocht en daar geldt al het tarief van 19 procent.)
Naast deze gevestigde namen zijn er nog genoeg beeldend kunstenaars die hard werken om mooi werk te maken, maar die daarom nog lang niet allemaal in het rijtje van de grote namen voorkomen.
Inkomensverlies
Dat zijn de beeldend kunstenaars die een portret van iemands oma, dochter, kleinkind schilderen, een landschap schilderen, ruimtelijke objecten maken, een muur bewerken, een prijs ontwerpen en daar een bedrag voor vragen die aan de markt getoetst is. Die markt die bestaat over het algemeen uit mensen met een gemiddeld inkomen of lager en die zullen beslist terugdeinzen voor een prijs die ineens met 13 procent is verhoogd. Hierdoor zullen beeldend kunstenaars opdrachten verliezen.
.
Aan de andere kant is daar het vrije werk, ook dat is aan een prijsplafond gebonden. Dat betekent dus, dat wil de kunstenaar zijn werk verkoopbaar houden, dat men zelf het verschil in BTW moet inleveren, wat effectief neerkomt op 11 procent inkomens verlies.
Deze zelfde redenering valt door te trekken naar bijvoorbeeld de kaartjes voor concerten en theater. Minder publiek heeft hier ook onherroepelijk gevolgen o het gebied van inkomen voor de instellingen en dus voor het personeelsbeleid.
Waarom niet 7 of 8 procent?
Natuurlijk moet bij een crisis iedereen inleveren, maar mag het misschien een beetje in verhouding met de rest van de bevolking?
Valt er niet te praten over de verhoging van het lage BTW tarief in deze beroepsgroep naar bijvoorbeeld 8 procent? (Vergelijk, in Duitsland is het 7 %) Dat levert prijsstijgingen op die in verhouding blijven , die de ‘markt’ op gang houden en die voorkomen dat er meer mensen naar de bijstand afzakken of hun baan verliezen (in de theaterwereld). In tegenstelling tot wat de heren met de rechtse politieke denken, is het leven voor de gemiddelde beeldend kunstenaar over het algemeen geen vetpot. Vechten om als culturele ondernemer het hoofd boven water te houden en onafhankelijk te worden wordt op deze manier zeker niet gestimuleerd.